Doel

Het vergroten van de biodiversiteit van graslanden in het Nationaal Landschap Laag Holland. Dit doen we door paardenhouderijen te adviseren en te begeleiden bij het beheer van hun paardenweiden. Hiermee wordt tegelijkertijd voor paarden gezonder grasland ontwikkeld.

Inhoud project

Uit onderzoek blijkt dat paarden gebaat zijn bij paardenweiden met een wat lagere voedingswaarde. Natuurlijk beheerde graslanden met veel kruidachtige planten hebben vaak een lagere voedingswaarde. Door het afstemmen van het graslandbeheer op de ontwikkeling van kruidenrijk grasland, kunnen paardenhouders tegelijkertijd ook gezondere voeding voor hun paarden ontwikkelen.

Universiteit Wageningen onderzoekt welk type (half) natuurlijk grasland het beste aansluit op de voedingsbehoefte van paarden. Daarna bepalen we met welk beheer dat type grasland ontwikkeld kan worden.

Vervolgens adviseert en begeleidt Landerade paardenhouders bij  de ontwikkeling en beheer van gezonde, natuurlijke paardenweiden. De provincie Noord-Holland financiert dit. Want als paardenhouders hun graslanden natuurlijker gaan beheren, is dat ook goed voor de natuur en vooral voor weidevogels zoals de grutto, kievit en tureluur. Wegens het grote animo is de inschrijving hiervan inmiddels gesloten.

Maar ook buiten het project biedt Landerade advies en begeleiding aan paardenhouders bij hun graslandbeheer. Klik hier voor meer informatie.

Landerade is verantwoordelijk voor de projectleiding en voert inhoudelijke werkzaamheden uit. Het project loopt van augustus 2015 – september 2017.PNH_RGB_pos

Voortgang

Vijfentwintig paardenhouders nemen deel aan het project (het maximum aantal). Hiervan houden twaalf paardenhouders bedrijfsmatig paarden en dertien hobbymatig. Twintig paardenhouders zijn gevestigd in het veengebied en vijf in de droogmakerijen van Laag Holland. Negen paardenhouders hebben een graslandoppervlakte van minder dan 5 ha en zestien meer dan 5 ha.

Bij enkele paardenhouders zijn we bijzondere plantensoorten tegengekomen in hun paardenweiden zoals grote ratelaar, echte koekoeksbloem, kale jonker of moeraszoutgras. De graslanden die in Laag Holland kunnen ontwikkelen zijn onder te verdelen in 4 typen: Type 1 de Raaigrasweide/grassenmix weiden (koeiengrasland), type 2 witbolsadium, type 3 Gras-kruidenweide en type 4 bloemrijke paardenweide. Hieronder geven we aan hoe de onderverdeling van de graslanden van de deelnemers waren.

Type 1: Raaigras/grassenmix weide: 4 deelnemers
Type 2: Witbol stadium grasland: 19 deelnemers
Type 3: Gras kruidenweide: 3 deelnemers
Type 4: Bloemrijk grasland: 2 deelnemers

In het door Landerade opgestelde advies staat hoe de eigenaren hun paardenweiden naar type 3 of type 4 kunnen ontwikkelen.

Voortgang project

Januari – september 2017

  • Advisering paardenhouders bij het beheer
  • Organisatie netwerkbijeenkomst voor deelnemende paardenhouders
  • PR- en communicatie. Zie hier het artikel in het Noord-Hollands Dagblad op 17 oktober 2017

April – december 2016

  • Inventariseren graslanden deelnemende paardenhouders
  • Publicatie onderzoek Universiteit Wageningen: ga naar rapport WUR
  • Advisering aan paardenhouders over mogelijkheden
  • Begeleiding bij opstellen stappenplannen door paardenhouders
  • Advisering paardenhouders over weidebeheer

Januari – maart 2016

Oktober – december 2015:

  • 14 december presentatie eerste resultaten studenten WUR aan de begeleidingscommissie.
  • 29 oktober start uitvoering onderzoek door de Universiteit Wageningen.
  • Afstemming tussen de partijen.
  • Werving en informeren paardenhouders.

Augustus – oktober 2015:

  • Toekenning subsidie door de Provincie Noord-Holland.
  • Akkoord voor uitvoering onderzoek door Universiteit Wageningen en financiering door de Wetenschapswinkel Wageningen.

Februari – augustus 2015:

    • Samenbrengen en afstemming tussen de deelnemende partijen waaronder Universiteit Wageningen, Provincie Noord-Holland, Weidevogelgroep Eilandspolder, Landschap Noord-Holland, paardenhouders in Laag Holland en Waterland en Dijken.
    • Aanvraag voorbespreken met de partijen en indienen bij de Provincie Noord-Holland en de Wetenschapswinkel Wageningen.
  • Project

    Paarden in bloemenweiden

  • Financiering

    De provincie Noord-Holland/ Laag Holland en Wetenschapswinkel Wageningen.

  • Referenties

    ‘Wij hadden overheersing van zuring en kruipende boterbloem in ons weiland. Ik wilde gezonde weiden voor mijn paarden en had het plan om de weiden te laten egaliseren en opnieuw in te laten zaaien. Door het advies van Landerade weet ik nu dat je door aanpassingen in het beheer de ontwikkeling naar een goede paardenweide zelf kunt sturen. De paardenweide helemaal opnieuw inzaaien met alle kosten die daar bij komen bleek helemaal niet nodig. Wat ik ook leuk vond is het leren herkennen van de kruiden en grassen die in mijn weide staan. Ik vergeet bijvoorbeeld nooit meer hoe ‘geknikte vossenstaart’ er uit ziet.’
    Marga Stroo, hobbypaardenhouder in Purmerland.

    ‘Wij waren nieuwsgierig naar hoe het met onze graslanden was gesteld. Tijdens het veldbezoek kregen we bevestiging dat onze weilanden zich in de goede richting aan het ontwikkelen zijn. Met de praktische adviezen die we vanuit het project kregen zijn we bewuster gaan nadenken over ons graslandbeheer. Nu kunnen we gerichter werken en is het beheer effectiever.’
    Marc Vaarzon Morel, Manege de Paardenhof in Kwadijk